Kennisbank webredactie & content

In de kennisbank vind je praktische kennis over webredactie, content, SEO en toegankelijkheid.
Geen theorie, maar duidelijke uitleg en toepasbare tips die je direct kunt gebruiken voor je website.

De kennisbank bestaat uit:

  • Artikelen – verdieping en uitleg
  • Tools & templates – praktische checklists en hulpmiddelen
  • Thesaurus – uitleg van veelgebruikte termen

Of je nu zelf je content beheert of samenwerkt met een webredacteur: hier vind je de basis om betere keuzes te maken. Meer weten? Neem dan contact op en ik kijk met je mee!

Artikelen

Wil je meer achtergrond en uitleg? In de artikelen lees je meer over onderwerpen zoals webteksten, SEO, toegankelijkheid en contentbeheer.

👉 Bekijk alle artikelen

Tools & templates

Liever direct aan de slag? Met de tools en templates krijg je praktische hulpmiddelen, zoals checklists en formats die je meteen kunt gebruiken.

👉 Bekijk tools & templates

Begrippenlijst

Werk je met online content, dan kom je al snel termen tegen zoals SEO, UX of B1-taalniveau. In de begrippenlijst vind je een overzicht van veelgebruikte begrippen, kort en duidelijk uitgelegd. Gebruik de thesaurus als naslagwerk of om snel inzicht te krijgen in belangrijke termen.

Content en Webredactie

  1. Webredactie – Het beheren, schrijven en verbeteren van online content.
  2. Contentstrategie – Plan waarin staat wat je publiceert en waarom.
  3. Contentbeheer – Het onderhouden en bijwerken van content.
  4. Contentoptimalisatie – Het verbeteren van bestaande content.
  5. Webteksten – Teksten die speciaal voor websites zijn geschreven.
  6. Online content – Alle inhoud op een website of platform.
  7. Tekstredactie – Het verbeteren en corrigeren van teksten.
  8. Herschrijven – Een tekst opnieuw schrijven met hetzelfde doel.
  9. Redigeren – Verbeteren zonder de inhoud te veranderen.
  10. Microcopy – Korte teksten zoals knoppen en foutmeldingen.
  1. Schrijfwijzer – Document met richtlijnen voor het schrijven van teksten binnen een organisatie of website. Bevat afspraken over tone of voice, taalniveau (bijv. B1), stijl, spelling en het gebruik van termen. Zorgt voor consistente, duidelijke en herkenbare communicatie over alle kanalen heen.

SEO en Vindbaarheid

  1. Search Engine Optimalisation (SEO) - Zoekmachineoptimalisatie – Content verbeteren voor zoekmachines. Wil je weten of jouw teksten SEO-proof zijn? Optimaliseer je teksten met de SEO-checlist van ST&ZO Content.
  2. GEO (Generative Engine Optimization) – Het optimaliseren van content zodat deze wordt gebruikt en weergegeven in AI-gegenereerde antwoorden (zoals ChatGPT of Google AI).
    Richt zich op duidelijke, goed gestructureerde en inhoudelijk sterke teksten die direct antwoord geven op vragen.
    In plaats van alleen klikken naar je website, draait GEO om zichtbaarheid als bron in AI-resultaten en antwoorden.
  3. Zoekintentie – Wat iemand bedoelt en wil vinden met een zoekopdracht.
  4. Zoekwoorden – Woorden waarop mensen zoeken.
  5. Meta-titel – Titel van de pagina die in Google wordt getoond.
  6. Meta-description – Korte samenvatting onder de titel van wat er op de pagina staat.
  7. Kopstructuur – Opbouw van koppen op een pagina.
  8. Interne links – Links naar andere pagina’s op dezelfde site.
  9. Vindbaarheid – Hoe goed je content wordt gevonden.
  10. Organisch verkeer – Bezoekers die via zoekmachines op je website terecht komen.
  11. On-page SEO – SEO-aanpassingen op de pagina zelf (zoals tekst, koppen, alt-teksten)

Toegankelijkheid en Gebruiksgemak

  1. Toegankelijkheid – Content die voor iedereen bruikbaar is (voor bijv. mensen die minder digitale vaardigheden of een lager leesniveau hebben of slechthorend/slechtziend zijn.
  2. European Accessibility Act (EAA) – Europese richtlijn (EU 2019/882) die bedrijven verplicht digitale producten en diensten toegankelijk te maken voor mensen met een beperking. Geldt o.a. voor websites, apps, webshops, banken, e-books en apparaten, met eisen rond waarneembaarheid, bedienbaarheid, begrijpelijkheid en robuustheid. Vanaf 28 juni 2025 verplicht voor nieuwe diensten; zorgt voor betere toegankelijkheid, gebruiksvriendelijkheid en een groter bereik. De WCAG is hier onderdeel van.
  3. WCAG (Web Content Accessibility Guidelines) – Richtlijnen voor digitale toegankelijkheid. Schrijven op B1-taalniveau is hier onder meer onderdeel van. Lees meer over de WCAG of download de WCAG-checlist van ST&ZO Content.
  4. B1-taalniveau – Duidelijke en eenvoudige taal. Check of je teksten B1-proof zijn op ishetB1.nl
  5. Leesbaarheid – Hoe makkelijk een tekst leest.
  6. ALT-tekst – Beschrijving van een afbeelding. Meestal in je CMS in te voeren ‘achter de afbeelding’.
  7. Kleurcontrast – Verschil tussen tekst en achtergrond.
  8. Gebruiksvriendelijkheid – Hoe makkelijk een site werkt.
  9. Inclusieve content – Content voor alle gebruikers, onafhankelijk van afkomst, opleiding, geslacht etc.
  10. Digitale toegankelijkheid – Toegankelijkheid online.
  11. Begrijpelijke taal – Taal zonder jargon/vaktaal.

CMS en Techniek

  1. CMS (Content Management Systeem) – Systeem om content te beheren. Wil je weten welk CMS je nodig hebt? Lees dan mijn artikel over waar je op moet letten bij het kiezen van een CMS.
  2. WordPress – Veelgebruikt CMS.
  3. Umbraco – CMS voor maatwerkwebsites.
  4. Bloomreach – CMS voor grotere organisaties.
  5. Drupal – Open source contentmanagementsysteem (CMS) waarmee je websites en webapplicaties kunt bouwen en beheren. Wordt vooral gebruikt voor grotere en complexere websites, zoals bij overheden en organisaties, vanwege de flexibiliteit en schaalbaarheid.
  6. Contentmigratie – Overzetten van content. Dit kan het verplaatsen van content, zoals onderdelen van een pagina of volledige pagina’s, binnen je website zijn, maar ook het overzetten van je content naar een nieuw/ander CMS.
  7. Paginastructuur – Opbouw van pagina’s. Denk aan intro, koppen, afbeeldingen etc.
  8. Navigatie – Menu en links.
  9. Publiceren – Online zetten van content.

Conversie en Doelgericht Schrijven

  1. Conversie – Gewenste actie van bezoeker. Bijvoorbeeld een klik, download of aankoop.
  2. Call-to-action – Oproep tot actie, zoals klikken, kopen of downloaden. B.v.: ‘Download de checlist’.
  3. Bezoekersgedrag – Hoe bezoekers zich gedragen. Scrolt de bezoeker over de hele pagina? Klikt de bezoeker snel weg? Koopt de bezoeker een product?
  4. Gebruikersflow – Route die een bezoeker volgt. Op welke pagina komt de bezoeker binnen, wat is de volgende pagina en wanneer en waar eindigt het bezoek?
  5. UX (User Experience) – De totale ervaring van een gebruiker bij het bezoeken en gebruiken van een website of app. Gaat over gebruiksgemak, duidelijkheid, structuur en hoe makkelijk iemand zijn doel kan bereiken. Goede UX zorgt voor tevreden gebruikers, minder frustratie en een hogere kans op conversie.
  6. UX-writing – Het schrijven van korte, functionele teksten die gebruikers helpen een website of app makkelijk te gebruiken.
    Denk aan knoppen, formulieren, foutmeldingen en instructies die duidelijk en direct zijn. Goede UX-writing zorgt voor minder verwarring, een soepelere gebruikerservaring en hogere conversie.
  7. Formulieren – Invoervelden voor bezoekers.
  8. Foutmeldingen – Meldingen bij fouten.

Analyse en Proces

  1. Contentaudit – Analyse van content. Is het up to dat? Is de content geoptimaliseerd voor SEO? Sluit de content aan bij het doel van de website en/of doelgroep?
  2. Consistentie – Gelijke stijl en termen.
  3. Tone of voice – Manier van schrijven.
  4. Tekststructuur – Opbouw van tekst.
  5. Duidelijkheid – Begrijpelijkheid van content.
  6. Informatiearchitectuur – Structuur van informatie.
  7. Contentstrategie – Langetermijnplan voor ontwikkelen en publiceren van verschillende soorten content via diverse kanalen.

Twijfel je hoe je deze kennis het beste toepast op jouw website? Ik denk graag met je mee.